Mijn ervaring met René van der Gijp: “Donderstraal, pleur op alsjeblieft! Nagemaakte lul dat je er bent”

gouden wereldbeker Rene van der GijpIk beleefde jaren geleden een bijzondere dag met oudvoetballer en tv-persoonlijkheid René van der Gijp. “Oudvoetballer? Zeg dan liever ex-voetballer”, aldus Gijp zelf. Ik zou hem in Panama in Amsterdam interviewen tussen 9.00 en 10.00. Maar de fotosessie liep een beetje uit (“ik wil niet staand op de foto, mensen herkennen mij zittend beter”) en dus zei Gijpie om 10.00 uur: “Ik moet nog een reclamefilmpje opnemen bij SBS6, doen we het interview daar.” Wij naar de tv-zender, waar Wim Kieft – waarmee Gijp de reclame moest opnemen – al zat te wachten. Met z’n drieën lachten we wat af in de kleedkamer. Gijp had vooral lol om een jongen die stotterde en zodoende zijn eigen naam niet goed kon uitspreken. Gijp bleef hem maar vragen: “Sorry, nu ben ik het weer vergeten. Hoe heet je ook alweer?” Hij stopte toen Kieft het niet langer meer kon aanzien: “Stop nu René, dit kan je niet maken!”

Bij SBS6 was niet voldoende tijd om het interview te doen, dus reden René en ik naar de Rai waar een vriendin van hem werkte. Daar liepen we de hele middag rond en spraken uitgebreid. Hij vertelde toen voor het eerst over zijn donkere kant, wat hem jaren later zou wreken en waardoor Van der Gijp in therapie moest en aan de pillen en zodoende maanden niet te zien was op televisie. “Ik heb geen manisch depressieve kant, nog, maar wel een hele zwarte kant. Dan heb ik dagen geen zin om naar buiten te gaan,” vertelde hij. “Al die drukte, stress en gekte… Daar heb ik geen zin in. Iedereen die redelijk bij z’n verstand is, moet toch met het besef kunnen leven dat het op het eind van de rit toch gewoon nergens over ging? We zijn allemaal met onzin bezig. Ik kan me gewoon de hele dag verbazen over mensen en hoe de dingen gaan. Laatst stond ik in een kledingwinkel en keek ik tegen de kop van zo’n chagrijnige medewerker aan. Ik zei hem: ‘Joh, als je nou niet wil dat ik dit koop, dan vind ik het ook goed. Zeg dan gewoon; ‘René, donderstraal, pleur op alsjeblieft! Lelijke nagemaakte lul dat je er bent.’’ Iedereen neemt zichzelf zo vreselijk serieus.”

Een week later nodigde Van der Gijp mij uit voor een sponsorevenementje in de Amsterdam Arena. Daar kon je ballen schieten door zo’n houten wand met gaten. Ik vormde een team met Gijp en we namen het op tegen Kieft. Niet dankzij mij, maar wel dankzij René die elke bal moeiteloos door het gat schoot, wonnen wij een replica van de wereldcup. Ik was er blij mee en deze cup staat nog steeds in mijn kast. En René? Die zal het bekertje hebben laten staan op de bar in de Arena. “Ah joh zo’n bekertje, wat moet ik er mee? Het gaat toch helemaal nergens over”, hoor ik hem in gedachten zeggen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.